Tammy

Stap 1: Haal de plant uit de bestaande pot

Is de plant al lang niet verpot, dan kan het gebeuren dat hij moeilijk uit de pot komt. Wrik in dat geval de wortelkluit voorzichtig los langs de randen met een schepje. Houd de pot vervolgens een beetje scheef of ondersteboven en de plant komt vanzelf los.  

Stap 2: Kies de juiste potmaat

Is je plant flink gegroeid, neem dan een pot die rondom minimaal 1 cm groter is dan de oude pot. Alleen zo creëer je immers meer ruimte voor de plantenwortels. Ga ook niet voor een té grote pot, hierin blijft de potgrond erg lang nat. Je hebt uiteraard geen grotere pot nodig als je je plant alleen een mooiere pot wil geven, maar de wortels nog voldoende ruimte hebben. Staat een plant al lang in dezelfde pot, maar is een grotere pot niet nodig (bijvoorbeeld bij een Kalanchoë)? Haal dan rondom de wortelkluit wat oude potgrond weg en vervang deze door nieuwe potgrond.

Stap 3:  Zorg voor goede drainage

Leg een laagje hydrokorrels of scherven onder in de nieuwe pot, dit zorgt voor een goede drainage; overtollig water wordt sneller afgevoerd, zodat de wortels van de plant niet te lang nat blijven. Overigens is het bij potten die buiten staan altijd heel belangrijk dat er drainagegaten onderin de pot zitten; zijn die er niet, dan loopt de pot bij regen snel vol wat uiteindelijk wortelrot geeft.

Stap 4: Zet de plant in de pot

Doe een laag potgrond onder in de pot en zet hier de wortelkluit van de plant op. Kijk of de plant niet te hoog of te laag staat. Haal eventueel wat weg of vul de potgrond nog iets aan.De pot hoeft niet tot de rand vol met potgrond, houd ongeveer 1 cm over; zo loopt het water er niet direct uit bij het water geven.

Stap 5: Pot opvullen

Vul de pot aan de zijkant goed op met potgrond en druk dit en de plant stevig aan.

Stap 6: Aanvullen met hydrokorrels

Leg op de aarde eventueel een laagje hydrokorrels; dit houdt het overtollige water vast en geeft dit aan de grond af wanneer het aan de droge kant is.

Stap 7: Water geven

Geef goed water na het verpotten; dit zorgt ervoor dat de nieuwe potgrond goed rondom de wortelkluit terechtkomt. Daarna is 1 à 2 keer per week water geven voldoende. Je kunt beter wat minder water geven dan te veel. Te veel water maakt de plant lui. Het best geef je planten regenwater.

Schotel onder potten met drainagegaten

Heb je je kamerplanten in potten met drainagegaten staan? Zet er dan een schotel onder of zet ze in mooie overpotten; overtollig water wordt hierin opgevangen en geeft geen vlekken op je vloer of vensterbank. Zet potten buiten alleen tijdens droge perioden op plantenschotels. Door ook deze schotels regelmatig van water te voorzien, zullen je planten minder snel uitdrogen. Haal de schotels in natte perioden weg, want anders kan overtollig water niet wegstromen waardoor de plantenwortels kunnen wegrotten.

Hoe vaak moet ik mijn planten verpotten?

Snelle groeiers verpot je ongeveer één keer per jaar, langzame groeiers een keer per twee of drie jaar. Het best verpot je je planten in maart-april, dus vóór het groeiseizoen.

Planten delen en stekken

Sommige planten - zoals de kamerplant Spatiphyllum - kun je eenvoudig delen als ze erg  bossig zijn geworden. Dit doe je door de wortelkluit voorzichtig in twee of drie stukken te delen en deze delen afzonderlijk op te potten. Andere planten - zoals pannenkoekplant - zijn makkelijk te stekken door de nieuwe kleine plantjes voorzichtig los te trekken van de ‘moederplant’. De stekjes zet je elk in een aparte pot. Zo hebben alle planten voldoende ruimte en hoef je geen grotere pot aan te schaffen. Deze zelf gestekte of gescheurde planten zijn ook leuk als cadeautje!

Voedingsstoffen in potgrond

Nieuwe potgrond bevat voeding voor ongeveer zes weken. Daarna kun je de planten af en toe bijmesten. Voor planten in potten is bemesten belangrijker dan voor planten in de vollegrond. Ze hebben immers weinig bodem om voedingsstoffen uit te halen.